René-Jules Lalique

René-Jules Lalique

Overzicht actieve loopbaan

Frankrijk  I  Meubeldesigner

René-Jules Lalique (1860-1945)
Nadat hij in 1876 de Turgot-school op zijn zestiende had verlaten, ging René Lalique in de leer bij een toonaangevende Parijse goudsmid, Louis Aucoc, en volgde hij lessen aan de École des Arts Décoratifs in Parijs.

Hij verbleef twee jaar in Engeland, waar hij een studie aan het Sydenham College voltooide, en werkte na zijn terugkeer in Parijs in 1880 korte tijd bij juwelier Petit Fils.

Daarna begon hij zijn eigen atelier met een familievriend, M. Varenne. Hij maakte zelfstandig sieraden voor Cartier, Boucheron, Destape en Aucoc. Ook ontwierp hij behang en stoffen. Hij studeerde beeldhouwkunst bij Lequien.

Een jaar nadat hij was benoemd tot manager van de studio van Jules Destape, nam hij het fabriekje over in 1896. Het atelier ontwierp sieraden voor allerlei gevestigde juweliers en breidde tot tweemaal toe uit.

In 1894 toonde Lalique zijn werk regelmatig op de Parijse salons. Ondanks de gangbare voorkeur voor opzichtige edelstenen in discrete zettingen maakte Lalique bij zijn ontwerpen gebruik van ivoor, hoorn, halfedelstenen en email; men beschouwde ze als ware objets d’an.

Rond 1890 vervaardigde Lalique meerdere stukken voor actrice Sarah Bernhardt (1844-1923) en stelde hij zijn sieraden tentoon in de winkel van Siegfried Bing, Maison de l’Art Nouveau.

Hij begon te experimenteren met helder en gekleurd, gegraveerd glas en exposeerde ermee in 1900 op de Parijse “Exposition Universelle et Internationale”, waar het werk enthousiast ontvangen werd.

Hij vestigde in 1902 een klein glasatelier in Clairefontaine en kreeg vijf jaar later van François Coty opdracht voor het ontwerp van parfumflesjes, die werden geproduceerd door glasfabriek Legras & Cie.

In 1909 kocht Lalique een glasfabriek, de Verrerie de Combs-Ia-Ville, in Seine-et Marne voor de productie van parfumflesjes voor zijn klanten, waaronder Worth en Roger & Gallet.

Daarna kocht hij een veel grotere fabriek in Wingen-sur-Moder (Elzas), waar hij moderne industriële productietechnieken toepaste. Men ontwikkelde een stempelpers die het mogelijk maakte haut-reliëfs te creëren, naast de wat traditionelere technieken als cire perdue en glasblazen.

Lalique produceerde een zeer grote verscheidenheid aan glaswerk, van verfijnde en naturalistische art-nouveau ontwerpen tot zeer gestileerde en ruwe art-deco stukken.

Hoewel hij veel verschillende kleuren gebruikte voor zijn kommen, mascottes, knopen, verlichting enz., was hij vooral beroemd om zijn opaalglas, dat op grote schaal door andere fabrikanten werd nagebootst, die Laliques kwaliteit bij lange na niet konden benaderen.

De fabriek werd in 1937 gesloten, maar in 1945 blies zijn zoon Marc het bedrijf nieuw leven in.

Enkele realisaties

Chronologisch overzicht

  • Data , Activiteiten / Ontwerpen
  • 1876, Verlaat de Turgot-school
    Gaat in de leer bij de toonaangevende Parijse goudsmid, Louis Aucoc
    Volgt lessen aan de École des Arts Décoratifs in Parijs
  • 1878, Studeert aan het Sydenham College London
  • 1880, Werkt bij Juwelier Petit Fils, Parijs
    Start eigen atelier met familievriend M. Varenne Werkt voor Cartier, Boucheron, Destape en Aucoc Ontwerpt behang en stoffen
    Studeert hij beeldhouwkunst bij Lequien
  • 1890, Vervaardigt meerdere stukken voor actrice Sarah Bernhardt
    Stelt werk tentoon in la Maison de l’Art Nouveau bij Siegfried Bing
  • 1894, Toont zijn werk op de Parijse salons
  • 1897, Manager van de studio van Jules Destape
  • 1898, Neemt de studio van Jules Destape over
  • 1900, Exposeert op de Parijse ‘Exposition Universelle et Internationale’
  • 1902, Vestigt een klein glasatelier in Clairefontaine
  • 1907, Krijgt van François Coty opdracht voor het ontwerp van parfumflesjes, die werden geproduceerd door glasfabriek Legras & Cie.
  • 1909, Koopt glasfabriek, de Verrerie de Combs-Ia-Ville, in Seine-et Marne
    Produceert parfumflesjes voor oa. Worth en Roger & Gallet
    Koopt glasfabriek in Wingen-sur-Moder (Elzas)
  • 1937, Sluiting van zijn fabriek
  • 1945, Zijn zoon Marc start het bedrijf opnieuw