Het certificaat

Het certificaat

De experts maken certificaten. Deze certificaten werden vroeger (maar nu ook nog) beschouwd als het ultieme bewijs van de authenticiteit van een kunstwerk. Het certificaat is vooral voor dure werken bijna belangrijker geworden dan het werk zelf. Men kan zich afvragen wat de koper koopt: een certificaat of een kunstwerk. Geert Jan Jansen zegt hierover: “Een schilderij zonder certificaat is moeilijk te verkopen. In de kunsthandel lijkt het vaak of een echtheidsverklaring meer waard is dan het bijbehorende kunstwerk.”

Men verwacht dan ook, gezien het manifeste belang van deze certificaten, dat het minstens om gestandaardiseerde, uitgewerkte, haast academische epistels gaat. Niets is minder waar. Om te beginnen is er geen echte standaard voor het maken van een certificaat. Naar analogie met het adagium “est expert, qui veut”, kunnen we dus zeggen “l’expert fabrique le certificat qu’il veut”. Sommige certificaten zijn vrij pompeus met lakzegels bewerkt en mooie handtekeningen. In andere gevallen gaat het gewoon om een tekst die vanachter op een foto van een kunstwerk of op een visitekaartje gekrabbeld is.

Bovendien verschuilen de experts zich altijd achter het feit dat ze in hun certificaat maar een mening verwoorden, wanneer ze juridisch aangevallen worden. Men kan zich dan ook de vraag stellen wat de waarde is van dit zo fel begeerde document?

Gezien zijn belang bij de verkoop van een kunstwerk, zal het niet verwonderen dat oplichters gretig certificaten vervalsen om hun niet-authentieke stukken verkocht te krijgen. Soms lopen ze daardoor tegen de lamp. Een schrijffout op een echtheidscertificaat voor een penseeltekening van Chagall, is de Nederlandse vervalser Geert Jan Jansen fataal geworden. Inderdaad op zijn certificaat stond “environs” waar het “environ” moet zijn. Het Duitse veilinghuis, waar hij het werk van Chagall binnengebracht had in de maand maart van 1994, kreeg argwaan en contacteerde het Chagall-comité in Parijs. Dit liet weten dat het werk vals was. Daarop trok de directie van het veilinghuis met de zaak naar de divisie Künst und Antiquitäten van het Landeskriminalamt in Stuttgart. Het onderzoek leidde naar Orléans en vandaar kwamen de speurders via een aantal postbusadressen terecht bij Geert Jan Jansen in een herenboerderij in Linazay bij Poitiers in Frankrijk. Op 6 mei 1994 werd hij gearresteerd. In zijn boerderij vonden de Duitse en Franse politiemensen ongeveer 1600 verdachte tekeningen en schilderijen, waaronder werk van Picasso, Matisse, Dufy, Miro, Cocteau en Appel.

Gezien de risico’s verbonden aan het vervalsen van certificaten, proberen sommige oplichters eerder échte certificaten voor hun valse werken te krijgen. We hebben al verschillende malen van Femand LEGROS gesproken. Eén van zijn lievelingsmethodes was het vluchtig tonen van een schilderij aan een expert, tijdens de pauze bij een openbare verkoop. Iets later kwam hij dan terug met een foto van datzelfde schilderij en vroeg aan de expert in kwestie om de authenticiteit van het werk te bevestigen. Op die manier kwam hij aan ontelbare échte certificaten voor zijn valse werken. Wanneer hij trouwens “echte” valse certificaten gebruikte, was dit meestal alleen maar als tussenstadium om opnieuw van bijvoorbeeld een “expert de sang” een authentiek certificaat te verkrijgen voor zijn niet-authentieke stukken. Zijn techniek was daarbij de volgende: hij kwam aanzetten bij de erfgenamen van de artiest in kwestie met het valse certificaat, zogezegd afgeleverd door een eminente expert. De erfgenamen, die verblind waren door het oordeel van de expert, waren vervolgens maar al te graag bereid om de opinie van deze expert te bevestigen en een certificaat van hun hand te maken.

 

 


© Copyright by Antiekexpert Karel Waegemans en
Axel Poels 
Hoofdinspecteur van de dienst kunstcriminaliteit van de Federale Politie Brussel